Tandartspraktijk - Chris Leys

Kronen en Bruggen

Kronen

 

Een kroon is een kapje van metaal en/of porselein dat precies past over een afgeslepen tand of kies. De kroon wordt vastgelijmd op de tand of kies.

 

U kunt een kroon nodig hebben in de volgende gevallen:

| als door tandbederf teveel van de tand of kies is verdwenen om  een vulling te kunnen maken;

| als door een ongeluk de tand of kies is afgebroken;

| als tanden of kiezen erg verkleurd zijn, kan uit cosmetisch oogpunt voor een kroon worden gekozen.

| als een tand of kies voorzien is van een wortelkanaalbehandeling (deze tanden/kiezen zijn vaak wat  gevoeliger voor breuk)

 

Het verzorgen van een kroon is niet moeilijk. Naast de dagelijkse mondverzorging – minimaal twee keer per dag goed poetsen en tussen de tanden reinigen – is het belangrijk de rand van de kroon goed te reinigen omdat hier gemakkelijk tandplaque blijft zitten. Poetsen langs de rand en een ragertje voor tussen de tanden is voldoende.

 

Er zijn 2 soorten kronen: de metaal-porseleinkroon en de volledig keramische kroon.

 

Bruggen

 

Een brug wordt gemaakt ter vervanging van een of meer ontbrekende tanden en/of kiezen. Een brug bestaat uit twee of meer kronen met daartussen het brugdeel.

U kunt in de volgende gevallen een brug nodig hebben:

 

| voor versterking van de kauwfunctie: doordat er een of meer tanden missen, kan de kauwfunctie verstoord zijn;

| om te voorkomen dat tanden en kiezen scheef gaan staan en/of gaan uitgroeien : als tanden of kiezen ontbreken, dan kunnen de tanden of kiezen van de andere kaak in de richting van de open ruimte groeien. Ook kunnen de tanden of kiezen aan weerszijden van de open ruimte naar elkaar toe gaan groeien, waardoor ze scheef gaan staan.

| als verbetering van het uiterlijk.

 

Door gebruik te maken van speciale legeringen kunnen metaaldelen met duurzaam porselein opgebakken worden. Door het opbakken van porselein ontstaat een verbinding met de metaalconstructies. In tegenstelling tot kunststof is porselein slijtvast. Zelfs kauwvlakken zijn van porselein te maken.

 

Het glazuur van porselein is zeer weefselvriendelijk waardoor het ook mogelijk is delen die in contact staat met het mondweefsel met porselein te bedekken.

 

 

Facings

Wat is een facing?

Een facing is een laagje tandkleurig vulmateriaal van composiet of een schildje van porselein dat op de tand wordt geplakt. Met een facing is het uiterlijk van een tand te verfraaien. Zo kan de vorm of de kleur van een tand worden veranderd. Met een facing kan de tandarts spleetjes tussen tanden opvullen, afgebroken hoekjes repareren, gele of bruine tanden weer wit maken en scheve tanden maskeren.

 

Waaruit bestaat de behandeling voor een facing?

Het aanbrengen van een facing bestaat uit een aantal stappen. Een facing van composiet wordt in één behandeling geplaatst. Een porseleinen facing wordt in een tandtechnisch laboratorium gemaakt en daarom zijn minstens twee bezoeken aan de tandarts nodig.

 

Composiet facing

Waar nodig wordt een heel dun laagje van het oppervlak van de tand geslepen. Er wordt zo ruimte gemaakt voor de facing. Gebeurt dit niet, dan wordt de tand iets dikker. Voordat de composiet aan de tand kan worden geplakt, wordt de tand met een zuur voorbehandeld en van een hechtlaag voorzien. Op deze laag wordt de nog zachte composiet aangebracht. De composiet wordt in vorm gebracht en daarna door een speciale lamp uitgehard. Ten slotte wordt er nog naar de hoogte gekeken en wordt de facing gepolijst. Hierna is de behandeling klaar.

 

Porseleinen facing

Eerst wordt er een foto van de gewenste kleur van het gebit gemaakt. Vervolgens wordt er glazuur weggeslepen, omdat voor een porseleinen facing minimaal een halve millimeter van de tand afgeslepen moet worden. Er wordt een afdruk gemaakt van de tand. Die afdruk gaat naar het tandtechnisch laboratorium. Daar wordt de facing in de gewenste vorm gemaakt. Na twee weken kan de facing geplaatst worden. Voordat de facing aan de tand wordt geplakt, wordt de tand met een zuur voorbehandeld en van een hechtlaag voorzien. Daarna wordt dan de facing opgeplakt.

 

 

Implantaten

Een kies of tand bestaat altijd uit een kroon met daaraan een wortel. Een implantaat is een soort kunstwortel, gemaakt van titanium.

Wanneer er voldoende bot aan de kunstwortel is vastgegroeid, kan het implantaat dienen als basis voor een kroon of brug, of dienen als steun voor een gebitsprothese.

 

Er zijn verschillende situaties waarin implantaten worden toegepast:

| ter vervanging van een tand of kies;

| ter vervanging van meerdere tanden of kiezen;

| ter vervanging van alle tanden en kiezen (uitneembare constructie/vaste constructie).

| onder een kunstgebit om deze vast te ‘klikken’. (klikgebit)

 

Voorwaarden voor het aanbrengen van implantaten:

In principe kunnen implantaten bij iedereen worden aangebracht. Er zijn echter een aantal voorwaarden waar de patiënt aan moet voldoen om in aanmerking te komen voor implantaten.

| er moet voldoende bot aanwezig zijn waarin het implantaat kan vastgroeien;

| het tandvlees rondom de bestaande tanden of kiezen moet gezond zijn, of in ieder geval gezond kunnen worden gemaakt;

| motivatie van de patiënt om de implantaten goed te onderhouden en te zorgen voor een goede mondhygiëne;

| de patiënt moet in een redelijke conditie zijn (gezond, geen afweerziekten);

| de kaken moeten uitgegroeid zijn, dus de patiënt moet tenminste 18 jaar oud zijn

 

De meest voorkomende vorm van implantologie is die, waar aan een totaal loszittende onderprothese weer houvast wordt gegeven. Het probleem van de onderprothese is, dat die door het sterke slinken van de kaak in de loop van de tijd steeds losser gaat zitten. Door dat slinken van het bot van de onderkaak komt ook de hoofdzenuw in de onderkaak steeds meer naar het oppervlak zodat de bewegingen van de prothese pijn kunnen veroorzaken.

 

Zelfs het normale functioneren, zoals eten en spreken, kunnen belemmerd worden. Om die reden wordt de klikprothese op implantaten vaak door de verzekeraar geheel vergoed.

Er zijn meerdere mogelijkheden, maar een daarvan is het plaatsen van twee implantaten met daarop een zogenaamde steg. Op die “steg” klikt de prothese door middel van een “ruiter” vast. Soms is het echter nodig een volledig implantaat gedragen prothese te vervaardigen op vier implantaten omdat er specifieke problemen zijn die een goed resultaat met 2 implantaten in de weg staan. Tegenwoordig worden er ook steeds vaker implantaten in de bovenkaak geplaatst.

Door de slechtere kwaliteit van het bot in de bovenkaak en een andere wijze waarop de prothese op de kaak aansluit, zijn er in de bovenkaak altijd minimaal vier of meer implantaten nodig.

Omdat de bovenkaak door uitbreidingen van neusbijholten soms helemaal hol is, is het niet altijd mogelijk implantaten te plaatsen. Wat we inmiddels wel weten is dat implantaten ongeacht waar ze in de kaak worden geplaatst een hele verbetering van de levenskwaliteit kunnen geven.

 

Afdrukhulpstukken

Hoe wordt de Klikprothese vervaardigd?

Het vervaardigen van de klikprothese is vergelijkbaar met de vervaardiging van de volledige prothese. Omdat de prothese bevestigd moet worden aan de implantaten worden er allerlei hulpstukken gebruikt. Het einddoel is een goed passende prothese die “vastklikt” op een staafje tussen of op knopjes op de implantaten.

 

 

Implantaat

 

In de tandheelkunde wordt met een implantaat bedoeld: “Een kunstwortel die operatief wordt aangebracht in een kaakgedeelte waar natuurlijke tanden of kiezen ontbreken”.

 

Een implantaat kunt u vergelijken met een kunstwortel, die op de plaats wordt gezet van de wortel van de ontbrekende tand. Over het algemeen zijn implantaten gemaakt van titanium en hebben ze de vorm van een schroef.

 

Titanium is heel biocompatibel, dat wil zeggen dat het lichaam het niet afstoot. Daardoor kan het bot er direct tegenaan groeien. Van veel implantaten is het titanium oppervlak bewerkt waardoor de botgroei rondom het implantaat versnelt en waardoor deze na de inheling ook steviger in het bot zal zitten.

 

 

Tegenwoordig helen de implantaten in 98% van de gevallen succesvol. Bij bot hersteloperaties, rokers en diabeten liggen deze percentages wat lager. De laatste jaren wordt steeds meer inzicht verkregen in het functioneren van implantaten. Het implanteren van deze kunstwortels wordt in de algemene praktijk dan ook vaker toegepast. Er verschijnen ook steeds vaker publicaties over dit onderwerp.

 

Voordelen van implantaten:

 

| ze verbeteren het comfort op een betere manier dan kunstgebitten;

| ze verbeteren de kauwfunctie en geven het gevoel weer natuurlijke tanden te hebben;

| het omslijpen van gezonde tanden bij conventioneel brugwerk is overbodig;

| de vermindering van het botvolume van de kaken na het verlies van tanden wordt gedeeltelijk stopgezet en het invallen van de lippen wordt voorkomen

 

 

Volledige Prothese

Volledige gebitprothese

Een kunstgebit dat prachtig oogt en vooral ook comfortabel draagt: dat is een waar kunstwerk. Als u een kunstgebit nodig heeft of een slecht passend of verouderd kunstgebit bezit, dan kunnen wij u helpen. U kunt nu zonder verwijzing een afspraak maken. Gun uzelf een gebit om in te lijsten, een lach die gezien mag worden en de oplossing die pijn en ongemakken verhelpt.

Vanaf het eerste bezoek tot het plaatsen van het kunstgebit werken wij zelf of samen met de tandtechnicus aan uw nieuwe kunstgebit.

 

Uit hoeveel afspraken bestaat de behandeling?

1. intake gesprek en het nemen van de eerste afdrukken.

2. maken van de definitieve afdrukken.

3. bepalen van de beethoogte en stand van de tanden.

4. beoordeling van de proefprothese.

5. plaatsen van het kunstgebit.

6. nacontrole.

 

1. Intake gesprek en het nemen van de eerste afdrukken

Tijdens dit bezoek worden de eerste proefafdrukken van de beide kaakdelen gemaakt. Met deze proefafdrukken kan uw tandarts speciale lepels maken.

 

2. Definitieve afdrukken

Met behulp van de speciaal voor u gemaakte lepels worden de definitieve afdrukken van uw beide kaakdelen gemaakt. Hiermee worden de randlengte en de pasvorm van uw nieuwe kunstgebit vastgelegd.

 

3. Beetbepaling

Met een beetbepaling kan uw tandarts zien hoe de kaken ten opzichte van elkaar staan en hoeveel ruimte er in de mond aanwezig is voor de prothese. Ook worden uw esthetische wensen overlegt met de tandarts en wordt de kleur en vorm bepaald van de te gebruiken tanden. Het is goed om foto’s van vroeger mee te nemen, zodat kan worden beoordeeld wat in uw geval een natuurlijk eindresultaat is.

 

4. Proefprothese

Tijdens deze afspraak controleert uw tandarts of de tanden mooi in uw mond staan en of de kiezen goed op elkaar sluiten. De tanden en kiezen staan nog op een wasplaatje, waardoor de pasvorm van de prothese nog niet optimaal zal zijn.

 

5. Plaatsen van de prothese

De prothese is klaar en de tandarts plaatst deze in uw mond. Uw nieuwe kunstgebit wordt gecontroleerd op esthetiek en pijnplaatsen. Ook uw spraak wordt gecontroleerd.

 

6. Nacontrole

Uw tandarts controleert de pasvorm en functie van het kunstgebit en zal waar nodig enkele correcties uitvoeren. Na deze laatste controle is de behandeling afgerond en komt u jaarlijks terug voor de regelmatige controle.

 

Welke behandelingen worden vergoed?

Vanaf 50 jaar is er een tussenkomst van de mutualiteit voor prothesen.

Vanaf 70 jaar is er een tussenkomst van de mutualiteit voor het plaatsen van twee implanten onder een bestaande onderprothese.

 

 

Bleken

 

Thuisbleken met een bleeklepel

 

Tanden kunnen worden gebleekt met een bleeklepel in combinatie met bleekgel. Deze behandeling kan als volgt worden uitgevoerd:

 

| Bij uw eerste bezoek aan de tandarts worden er afdrukken van uw gebit genomen.

| Deze afdrukken worden daarna in gips uitgegoten.

| De tandtechnicus kan op het gipsmodel een (flexibele) kunststof lepel met ruimte voor de bleekgel maken.

| Bij uw tweede bezoek krijgt u na instructie de bleeklepel en de bleekgel mee naar huis.

| Na het aanbrengen van de bleekgel en het indoen van de lepel kan er begonnen worden met bleken.

| Hou de lepel voor het beste resultaat wel een aantal (3 tot 6) uren in.

| Dat kan overdag, s’avonds, maar ook s’nachts wanneer u slaapt.

| Gemiddeld is na één tot vier weken duidelijk resultaat te zien. Bij ernstige verkleuringen zal langer gebleekt moeten worden.

 

 

Kinderen

Begin op tijd en voorkom problemen.

1. Wanneer begin je ongeveer met het poetsen van de tanden bij kinderen?

Kinderen krijgen rond de leeftijd van zes maanden hun eerste tandjes en vanaf die tijd begint u met het poetsen van de tanden.

 

2. Hoe vaak moeten kinderen de tanden poetsen?

Poets de tanden twee keer per dag met kindertandpasta waar fluoride in zit.

 

3. Wanneer gaat een kind voor het eerst naar de tandarts?

Het is verstandig om een kind rond het tweede jaar een keer mee te nemen naar de tandarts als u zelf de afspraak heeft. Zo kan het kind alvast een beetje wennen.

 

4. Vanaf welke leeftijd zijn kinderen te behandelen door de tandarts?

Vanaf een jaar of drie zijn kinderen te behandelen.

 

5.Worden bij kinderen dezelfde materialen gebruikt als bij volwassenen?

Bij kinderen worden inderdaad dezelfde materialen gebruikt als bij volwassenen.

 

6. Moeten er nog extra fluoridetabletjes gegeven worden?

Als er twee keer per dag met een fluoride tandpasta gepoetst wordt, is dat in principe voldoende. Fluoridetabletten zijn ook niet meer beschikbaar omdat de huidige tandpasta’s een voldoende percentage fluoride bevatten.

 

7. Worden alle behandelingen voor kinderen vergoed?

Behandelingen voor kinderen tot 18jaar zijn volledig gratis. Hiervoor dient u enkel een kleefbriefje van de mutualiteit mee te brengen.

 

Een gebit is het samenstel van tanden en kiezen. Bij de mens zijn dat er 32 in het blijvende gebit en 20 in het melkgebit. De 32 gebitselementen in het blijvende gebit zijn inclusief de 4 verstandskiezen. Als deze niet worden meegeteld dan heeft een volwassen persoon 28 tanden en kiezen in totaal. Eén van de belangrijkste functies van het menselijk gebit is het (voor)verwerken van voedsel, daarnaast is het gebit essentieel voor praten en tevens mag ook het cosmetische belang niet vergeten worden.

 

 

Ontwikkeling en doorbraak van het melkgebit

Al tijdens de 6e week van de zwangerschap begint de ontwikkeling van het melkgebit. In een bijzonder deel van de kaak (lamina dentalis) van het ongeboren kind begint de vorming van de tand bij het glazuur van de snijrand. De tand zal steeds verder opgebouwd worden richting de wortel. Na de geboorte van het kind zijn alle melktanden en kiezen en een gedeelte van het blijvende gebit onder het tandvlees in het kaakbot aanwezig. Gemiddeld breekt als het kind tussen de vijf en acht maanden oud is het eerste tandje door. In sommige gevallen is er bij de geboorte al een tand te zien.

 

In het schema hieronder vindt u de doorbraaktijden van het melkgebit:

 

Als uw kind tanden krijgt, kwijlt het vaak en kauwt het graag op vingers en andere dingen. Veel kwaaltjes (rode uitslag, rode wangetje, verhoging, huilerig) worden toegeschreven aan het krijgen van tanden. Een echt verband is echter wetenschappelijk nooit aangetoond.

Bij doorbraak van een tand is het glazuur nog niet uitgehard. Hierdoor is het glazuur makkelijker oplosbaar onder invloed van zuren en is de kans op het ontstaan van tandbederf groter. Het is daarom belangrijk om de voorlichting over mondgezondheid vroegtijdig te beginnen!

Een gezond melkgebit is de basis voor een gezond blijvend gebit o.a vanwege:

 

| Het vroegtijdig verloren gaan van melkelementen kan ruimteproblemen en scheefstand in het blijvende gebit veroorzaken.

| Een slecht melkgebit is meestal het gevolg van slechte gewoonten, zoals slecht en / of slordig tandenpoetsen, verkeerd mondgedrag, verkeerde voedingsgewoonten, langdurig gebruik van de zuigfles. Handhaving van deze gewoonten kan leiden tot een slecht blijvend gebit.

| Ontstekingen aan het melkgebit kunnen schade toebrengen aan de nog niet doorgebroken blijvende elementen.

| Melktanden en kiezen met gaatjes kunnen de eventueel aanwezige blijvende buurtanden en kiezen aantasten.

 

 

Wisselen en doorbraak van het blijvende gebit

Op 5 – 6 jarige leeftijd begint de eerste wisselfase met het doorbreken van de eerste blijvende kiezen achter de melkkiezen en het los gaan staan van voortanden. De meeste kinderen merken niets van het doorbreken van de nieuwe blijvende kiezen. Doorbrekende blijvende kiezen zijn net als melkelementen in die periode kwetsbaar voor het ontstaan van cariës. Het is daarom belangrijk ouders/ verzorgers daarop te wijzen om het ontstaan van cariës tegen te gaan.

Blijvende elementen hebben bij doorbraak al hun definitieve vorm en formaat en breken vaak scheef in de kaak door. Ze lijken ook relatief groot omdat de groeispurt nog niet begonnen is.

Meestal lost de scheefstand zich vanzelf op, zodra de kaken gaan groeien. Soms breken de blijvende tanden net achter de melktanden door en ontstaat er een dubbele rij tanden dat voor het schoonhouden van de tanden lastig kan zijn. Ook hier lost het probleem zich meestal van zelf op.

Hier is te zien dat de kiemen van de blijvende tanden achter de melktanden liggen.

 

Door beweging van de mond komen de melktanden los te staan en vallen deze er vanzelf uit. In een enkel geval zal de tandarts de melktanden moeten trekken.

Naast wisselen van het melkgebit, breken er achter het melkgebit ook 8 nieuwe grote kiezen en 4 verstandskiezen door. Het wisselen is meestal voltooid op 13 – 14 jarige leeftijd. Het blijvende gebit is echter pas compleet na doorbraak van de verstandskiezen (meestal tussen de 18 – 24 jaar). Soms breken de verstandskiezen helemaal niet door of zijn ze niet aangelegd (agenetisch).

 

 

Verschillen tussen melkgebit en het blijvende gebit

Het blijvende gebit is geler van kleur omdat het glazuur van het blijvende gebit uit vrij netjes evenwijdig liggende kristallen is opgebouwd. Hierdoor kan door de lichtinval het gele tandbeen (dentine) doorschemeren. De kristallen van het glazuur van het melkgebit liggen minder netjes naast elkaar, waardoor het glazuur minder doorzichtig is. Vergelijk het met gebarsten glas wat ook minder doorzichtig en witter is dan onbeschadigd glas.

 

Het glazuur van het melkgebit is ook dunner en minder sterk. Hierdoor ontstaan er makkelijker gaatjes en slijt het glazuur van het melkgebit sneller. Op 7-8 jarige leeftijd kunnen de knobbels van de melkkiezen door het kauwen al zelfs zijn weggesleten.

Ook wijkt het blijvende gebit qua vorm en grootte af van het melkgebit. Melktanden en hoektanden zijn kleiner dan de blijvende melk- en hoektanden. De nieuwe blijvende ondertanden hebben vaak een kartelrandje. Deze verdwijnen in de loop van de jaren als gevolg van slijtage door kauwbewegingen. Op de plaats van de melkkiezen breken kiezen (premolaren) door die kleiner zijn en minder knobbels hebben dan de melkkiezen. De blijvende grote kiezen die daarachter doorbreken hebben diepere groeven (fissuren) die vaak moeilijker zijn schoon te houden. Om te voorkomen dat er gaatjes in de groeven ontstaan, worden er door de tandarts in de groeven sealants gelegd.

Een sealant is een wit of doorzichtig kunsthars laagje dat in de fissuur wordt aangebracht. Hierdoor wordt de fissuur afgesloten en minder diep, waardoor er minder snel gaatjes kunnen ontstaan en de groeven makkelijker schoon te houden zijn.

 

 

 

 

 

 

 

Knarsplaat

Tanden knarsen gebeurt door het over elkaar schuiven van boven- en ondertanden. Hierbij kan een knarsend geluid gehoord worden. Over het algemeen gebeurt het 's nachts tijdens de slaap en onbewust. Door het knarsen slijt het glazuur af waardoor pijnklachten  in het kaakgewricht kunnen ontstaan.

 

De behandeling bestaat uit het dragen van een opbeetplaat of splint. Dit is een hoefvormige kunsthars plaat die op de boventanden wordt geplaatst.

 

Wanneer u last heeft van knarsen kunt u een afspraak maken. De tandarts zal dan een opbeetplaat voor u maken waardoor u snel van de ongemakken van het knarsen af bent.

                                           © 2015